Eddy Boas eregast bij Nationale Kinderherdenking
Een jeugd vol angst
Eddy Boas werd in 1940 geboren in Den Haag, vlak voor het begin van de oorlog. Hij groeide op in een Joods gezin. Toen de Duitse soldaten Nederland binnenvielen, werd het leven steeds gevaarlijker. Zijn vader durfde bijna niet meer naar buiten, uit angst om opgepakt te worden.
In 1943 gebeurde het toch: Eddy, zijn ouders en zijn broer werden gearresteerd. Ze kwamen via kamp Westerbork terecht in het grote kamp Bergen-Belsen in Duitsland. Het leven daar was heel zwaar. Er was weinig eten, het was koud en veel mensen werden ziek.
Samen overleefd
Het gezin van Eddy moest ook mee op een trein die later de ‘verloren trein’ werd genoemd. De trein reed wekenlang rond zonder bestemming. Uiteindelijk werden ze bevrijd door Russische soldaten. Dat was op 23 april 1945.
Het gezin van Eddy is heel bijzonder: het is het enige gezin waarvan vader, moeder en twee jonge kinderen samen een concentratiekamp ingingen én het samen overleefden. Tegelijkertijd verloor Eddy wel 64 familieleden in de oorlog.
Terug naar Den Haag
Na de oorlog keerde het gezin terug naar Den Haag. Hun huis was inmiddels door andere mensen bewoond. Ze begonnen opnieuw, maar Eddy’s vader overleed enkele jaren later, waarschijnlijk door alles wat hij in de oorlog had meegemaakt. In 1954 verhuisde Eddy met zijn moeder, broer en zus naar Australië. Daar bouwde hij een nieuw leven op. Tot op de dag van vandaag woont hij daar nog.
Film en boek
Het leven van Eddy Boas is vastgelegd in een boek en in de film Reflections of Courage. In de film vertelt hij over zijn jeugd, het kamp en over keuzes maken: wat is goed, en wat is fout? Met zijn verhaal wil Eddy Boas laten zien waarom het belangrijk is om te blijven herinneren, zodat zoiets verschrikkelijks nooit meer gebeurt.